09 augustus, 2019

Op Skye raak je niet uitgekeken



Ziet u dat? Neen, ik heb geen waterpokken.
Dit is mij aangedaan door die pokke muggen. Van kruin tot tenen.


Het was een prachtige dag en dat is een voorteken dat er slecht weer volgt. Want dit is Schotland.
Zo voorspelde warden Jean vanmorgen: jullie krijgen vrijdag zeker natte voeten.
Dat zien we dan wel weer.


Eerst moest er iets gepost worden. Ik hoop dat die kaart ooit aankomt.
Gelukkig zat er genoeg benzine in de tank. Bizar is het wel dat tanken op Skye ruim tien cent per liter goedkoper is dan hier op het vasteland.


Voor vandaag had ik een mooie wandeling uitgezocht maar die ging mooi niet door. 

Via een one car road kwamen we in een opstopping op een parkeerterreintje terecht. We konden geen kant meer op en met ons zo’n tien andere voertuigen (daar zit je dan anderhalf uur voor in de auto). 
Even goed coördineren hielp en zo gingen we in colonne terug over dezelfde weg.


Bij Dunvegan Castle was het ook druk, maar een vriendelijke Nederlander gunde ons zijn plek.

We maakten een wandeling door de prachtige tuin die volgens manlief als een parfumerie rook.
Het monsterlijke kasteel is nog steeds het huis van de McLeod’s. 
Ze exploiteren het goed.


Onderweg haalden we oude VW-campertjes in die met horten en stoten de steile helling op probeerden te komen. Hippies zaten in het gras te mediteren en hun was (vuil of schoon) hing aan de zijspiegels van hun jaren zestig voertuig.

Kamperen in de vrije natuur is blijkbaar toegestaan.


Ook zien we veel huur campers. 
Vooral Spanjaarden en Italianen vliegen naar Schotland en huren dan een camper. Dat is inderdaad tijdbesparend.

De westzijde van Skye heeft weer een heel andere kustlijn dan de oostelijke kant. 
Het zijn geen enorme afstanden die je hier aflegt, maar tijdrovend is het zeker. 

Mocht er een volgende keer komen, dan wil ik toch graag kamperen op het eiland.

Zo, en nu wat azaron op mijn oorlel smeren.
****

07 augustus, 2019

MacDonald


Mensen, wat zijn wij blij met deze (obscure) Caravan Club Camping. We blijven tot volgende week donderdag!!

Het is een prachtig springplank naar the Isles of Skye. En die eilandengroep met ontelbaar veel ferries gaat niet vervelen. Ik heb mij nooit gerealiseerd dat Skye zo groot was.


Vandaag een eerste wandeling uit het gidsje uitgezocht. Zeer de moeite waard.
Jacky was onze gids. Ze liep voor ons uit en haar scherpe neus pakte het juiste pad.

We hadden de wandeling naar de top van de heuvel uitgezocht, vanwaar het uitzicht waanzinnig was. Vervolgens wandelden we door de tuin van het voormalige MacDonald huis.
Er was bijna niemand.
Het beeld verandert per minuut. Alsof we ons in een schilderij bewegen, zoooooooo mooi!!


De boodschappen moet ik in Kyle doen bij een veel te dure Coop.

Dat krijg je wanneer je je buiten de "bewoonbare" wereld begeeft.


De prachtige grill/oven combinatie had ik nog niet durven gebruiken.

De overburen hebben ook een Swift/Sprite en dus ging ik om advies vragen.

De aardige buurman kwam het uitleggen.
Heel eenvoudig. De oven werkt op gas en heeft een automatische ontsteking (en geen luchtjes in de caravan dankzij het afzuigsysteem dat automatisch aangaat).

Wat een luxe!
En dus sloofde ik me uit om een luxe maaltijd op tafel te zetten:
 kipfilet met courgettes in witte wijnsaus met gegratineerde kaas en apple crumble toe.


05 augustus, 2019

Hoogtepunten



Eerst even dit: onze reis in kaart gebracht.
Dat zijn dus ruim 1600 kilometers (heen).


Het kletterde vannacht.

Gelukkig had P. de auto al op het verharde deel van onze pitch gezet,  anders waren we niet (makkelijk) weggekomen. Jacky zakte weg in het gras, alsof ze in een moeras liep.

Mijn nacht werd onderbroken door pijn en jeuk. De muggen hebben me vreselijk te pakken gehad. 

Tja, en wanneer je allergisch reageert dan heb je de hoofdprijs (ja, ze vonden ook plekjes tussen mijn haren). Ben de hele nacht in de weer geweest met ice packs.

Vanmorgen vertrokken we om 8.15 uur. Gelukkig was het even droog.
De zon door de bomen bracht een sprookjesachtige glinstering te weeg.


We wisten dat het een betrekkelijk lange rit zou worden, maar het viel extra tegen omdat het gespannen rijden was.

256 km over (soms niet als te goed geasfalteerde) tweebaanswegen, daar deden we exact vijf uur over.

Het aantal caravans dat we tegenkwamen was op twee handen te tellen. Dat was al tekenend.

De regen had de bermen in modderpoelen veranderd en daar moest je dus niet inrijden, wat een ongelukkige vrachtwagenchauffeur in een onoplettend moment dus wel deed. Wij konden hem maar net ontwijken en misten zo ook de file die dat ongetwijfeld tot gevolg had.


Ik was na het chaufferen wel kapot en kwam met verkrampte handen, kuiten -en nek achter het stuur vandaan. 

De warden van de camping raadde ons ook aan deze weg niet meer terug te nemen en haar advies volgen we zeker op.


Maar de route was onvoorstelbaar prachtig. De losgetrilde tv-arm namen we op de koop toe.

 

En natuurlijk heb ik mijn best gedaan en toon jullie bij deze een indruk van deze schitterende rit

Langs Loch Lomond en op het stuk tot Fort William kwamen we (voor het eerst) veel Nederlanders tegen. 

Maar nu zijn we echt in the middle of nowhere terechtgekomen.

Wat een ongekende rust. De bergen kijken op ons neer.


04 augustus, 2019

Tenten opblazen


Zo’n camping is een bezienswaardigheid op zich.

Achter ons staat een mevrouw die een radiator in haar tent heeft gezet.

Het valt me vooral op dat er nog veel tenten staan. Allemaal lichtgewicht.

Ze worden als luchtbedden opgepompt, ook de voortenten van caravans. 
Stokken komen er niet meer aan te pas.

Ik loop mijmerend langs luxe -en simpele kampeerders. Zo kijk ik naar binnen bij een VW-campertje met feestverlichting langs de kastjes.


Ik verwonder mij over de gigantische kookapparaten die sommige mensen bij zich hebben.
Allemaal gourmet koks?

Maar daarnaast staan een soort vingerhoed waar twee mensen (hoe ze erin passen, is me een raadsel) voor zitten met een éénpittertje.
Backpackers. Ze eten een outdoormaaltijd (waar je alleen maar heet water bij hoeft te doen).
Geen gourmet koks.

Toch mis ik die ouderwetse tenten met rinkelende stokken, scheerlijnen en zakken vol haringen. Mijn vader had de stokken met kleurtjes afgetaped zodat je wist welke aan welke moest.

Het was geen leuk werk, maar wanneer ik als kleinste onder het tentdoek moest kruipen om de punt van de stok door het betreffende ringetje te steken dan kreeg ik wel een bubbel in mijn buik: 
de lucht van tentdoek is het ultieme luchtje van vakantie. 


Gisteravond ging het regenen en dat deed het vanmorgen nog steeds.
Wij hadden alles droog binnengehaald en de luifel vast opgetrokken.

Maar onze buren vertrokken met kleddernatte spullen.
Wij begrepen dat niet. Ze hadden namelijk ook een VW-campertje en een aanhanger bij zich.

Mijn vader pakte, wanneer er regen op komst was op de dag van vertrek, de grote tent de dag ervoor droog in.
Papa en mama sliepen dan in de "meidentent" met één van ons.

M, A en ik mochten dan loten wie er in de auto sliepen: iets wat we alledrie spannend en leuk vonden.

"Hadden we nou maar een caravan," riep mijn moeder dan.

Maar de FJ was belangrijker.
****